Psychiaters zijn zeer verontwaardigd over de bezuinigingsplannen van minister Klink om voor de tweedelijns psychiatrische zorg eigen bijdragen in te stellen: daarmee wordt de toch al kwetsbare groep psychiatrische patiënten onrechtvaardig hard getroffen. Dat eigen bijdragen niet in alle medisch specialismen worden toegepast, wekt bovendien de suggestie dat het inschakelen van hulp in de GGz een eigen keuze en geen noodzaak is.
“Deze discriminatoire bezuinigingsvoorstellen schieten ons in het verkeerde keelgat en we zullen hier dan ook krachtig tegen protesteren. Waarom moeten patiënten met een ernstige of chronische psychiatrische stoornis wel een eigen bijdrage betalen en patiënten met een ernstige of chronische somatische aandoening niet? Bovendien mag en hoeft besparen in de GGz niet ten koste van de patiënt; het alternatief ligt bij structurele ingrepen die meer bezuinigingswinst kunnen opleveren, zoals de ontschotting en stroomlijning van de financiering van de zorg”, aldus Rutger Jan van der Gaag, voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie (NVvP) in een persbericht.
De cognitieve gedragstherapie die ingezet wordt tegen het chronisch vermoeidheidssyndroom (CVS) is voor patiënten niet schadelijk. Dit blijkt uit een studie van het Kenniscentrum Chronische Vermoeidheid van het UMC St Radboud, gepubliceerd op de website van het wetenschappelijk tijdschrift Psychotherapy and Psychosomatics.
Zeventig procent van de CVS–patiënten heeft baat bij het volgen van een cognitieve gedragstherapie, meldt het ziekenhuis in een persbericht.
Ongeacht welke partijen aan de macht komen na de verkiezingen volgende week, bijna altijd zal het uitdraaien op een ramp voor mensen die gebruikmaken van een Wajong-uitkering. Dat concludeert Hein Koger na analyse van alle verkiezingsprogramma’s op dit punt.
Koger, lid van onder meer de adviesdienst online van Ypsilon, verwacht dat jonge arbeidsgehandicapten hun aparte status als gevolg van kille bezuinigingen zullen verliezen.
Hoewel het wel bekend is dat vrijwel elke politieke partij via het invoeren van financiële prikkels op de Wajong wil bezuinigen, is het nog erg onduidelijk hoe ze dit nu precies willen verwezenlijken.
Lees hier de analyse.
De Psyche Mediaprijs is nieuw. Met deze prijs wordt een journalist of programmamaker beloond die op uitmuntende wijze bijdraagt aan meer openheid en minder schaamte over psychische aandoeningen. Doel van deze tweejaarlijkse prijs is om media te stimuleren met kennis, inzicht en betrokkenheid te berichten over psychische aandoeningen en de mensen die daaraan lijden.
In aanmerking komen Nederlandstalige artikelen voor kranten, tijdschriften en internet, programma’s, reportages en documentaires voor radio en televisie. Ze moeten tussen 1 januari 2009 en 1 augustus 2010 gepubliceerd of uitgezonden zijn. De prijs bedraagt 5000 euro, meldt het Fonds Psychische Gezondheid in een persbericht.
Fonds Psychische Gezondheid
Iris Nijkamp, Communicatie & Voorlichting
Stationsplein 125
3818 LE Amersfoort
Tel: 033 – 421 84 10
i.nijkamp@fondspsychischegezondheid.nl
De Nederlandse Vereniging van Maatschappelijk Werkers NVMW organiseert op 26 mei de eerste Dag van de Maatschappelijk Werker. De keuze voor de datum 26 mei komt niet uit de lucht vallen, zo meldt de organisatie in een persbericht. Op die dag in het jaar 1962 werd de eerste Beroepscode voor de Maatschappelijk werker een feit. De beroepscode is dé basis voor goed en professioneel maatschappelijk werk in het verleden, nu en in de toekomst.
Eén op de vijf Nederlanders maakt in zijn of haar leven een angststoornis door. We spreken dan al snel over meer dan een miljoen mensen. Volgens de Nederlandse Richtlijn Behandeling Angststoornissen kunnen medicijnen een belangrijk onderdeel van de behandeling zijn. Ook als bij angst-en dwangklachten depressieve gevoelens aanwezig zijn, wat vaak het geval is, kunnen medicijnen worden voorgeschreven. Het gebruik van medicatie om deze gevoelens in te tomen neemt toe. Maar tegelijk nemen de vragen ook toe: Werkt het wel? Is het middel niet erger dan de kwaal? Wat zijn de effecten op de langere termijn?
De Richtlijn Angststoornissen is recent gereviseerd. Aanleiding voor de update is nieuw wetenschappelijk onderzoek dat onder meer aantoonde dat het meest voorgeschreven middel bij angst – antidepressiva- vooral bij lichte klachten een grote placebowerking heeft. Ton van Balkom, hoogleraar psychiatrie verbonden aan VU mc en voorzitter van de commissie Herziening Angst- en Depressierichtlijn: “We adviseren artsen in de nieuwe richtlijn om niet gelijk medicijnen voor te schrijven. De eerste stap is om voorlichting te geven, met als doel de patiënt te activeren en het vermijdingsgedrag tegen te gaan”.
De ADF stichting vindt het goed dat er medicatie is, maar ook dat er kritisch naar gekeken wordt. Daarom organiseert de stichting op 28 april a.s. in Driebergen een informatieavond over medicatie bij angst en depressies. Professor van Balkom informeert deze avond de aanwezigen over tal van aspecten rondom medicatie voor angst- of dwangklachten. Ook is er volop gelegenheid om vragen te stellen. Een apotheker zal daarnaast informatie geven over benzo’s/tranquillizers en het afbouwen hiervan.
http://www.adfstichting.nl
Bijna een derde (29,1%) van de bellers naar de Psychische Gezondheidslijn van het Fonds Psychische Gezondheid heeft voldoende aan het luisterend oor van de vrijwilliger. Bij 27,7% van de bellers wordt het advies gegeven om naar een behandelaar te gaan (huisarts, psycholoog en psychiater). De meeste gesprekken gaan over depressie (32,9%). Dat stelt het Fonds Psychische Gezondheid in een persbericht.
De Psychische Gezondheidslijn is een telefonische informatie- en adviesdienst voor iedereen die vragen heeft over psychische problemen. In 2009 voerden de deskundige vrijwilligers van het Fonds Psychische Gezondheid ruim twaalf honderd (anonieme) telefoongesprekken. Van duizend gesprekken zijn gegevens vastgelegd. Zo is nu bekend: maar liefst 63,3 % van de gesprekken gaan over psychische problemen bij vrouwen. In tegenstelling tot wat veel mensen denken, wordt in de periode rond Kerst en Oud en Nieuw het minst gebeld. Verreweg de meeste bellers bellen voor zichzelf (62,4 %).
Wim Roodenburg is GZ psycholoog en sinds hij met de VUT is, zet hij zich in voor het Fonds Psychische Gezondheid. Hij verwerkte de cijfers van de Psychische Gezondheidslijn van 2009. Zelf beantwoordt hij wekelijks de telefoonlijn. “Het verbaasde mij dat mensen je uit het hart willen bedanken omdat je simpelweg even luistert. Vaak ook bellen mensen voor gericht advies, slik ik de juiste medicijnen? Ik stuur mensen regelmatig door naar de huisarts of een patiëntenvereniging. Wat schokkend blijft om te horen? Er zijn zó veel mensen die zich schamen voor het vragen om hulp bij psychische problemen. Ik hoor mezelf zó vaak zeggen. U stelt zich niet aan, het is écht nodig hulp te zoeken.”
Sinds kort kunnen mensen ook via de website vragen stellen over psychische problemen. We begonnen in januari 2010 met een testfase. De hoeveelheid vragen die online binnenkwamen was voor ons overweldigend. In de afgelopen drie testmaanden kreeg het Fonds al 155 schriftelijke vragen binnen. Er zijn nu extra vrijwilligers getraind om alle vragen die via de site binnenkomen op tijd te kunnen beantwoorden.
Denkproblemen bij schizofreniepatiënten hangen voor een belangrijk deel samen met een verstoorde verwerking van gebeurtenissen binnen de hippocampus en parahippocampale regio. Dit ontdekte neurowetenschapper Lucia Talamini van de Universiteit van Amsterdam (UvA), in samenwerking met onderzoekers van het AMC en de Vrije Universiteit Amsterdam (VU). De onderzoeksresultaten worden binnenkort gepubliceerd in PloS One.
Het verminderde gebruik van contextinformatie in schizofrenie komt waarschijnlijk voort uit subtiele afwijkingen van de structuur van de (para)hippocampale regio. Bij schizofreniepatiënten is namelijk gevonden dat de hersencellen in dit gebied minder onderlinge connecties hebben dan normaal. De onderzoekers toonden aan dat dit kan zorgen voor een gefragmenteerde opslag van gebeurtenisinformatie. Hierbij worden de onderdelen van een gebeurtenis wel opgeslagen, maar slecht met elkaar in verband gebracht. De gedachtegang van patiënten wordt daardoor meer geleid door individuele voorwerpen, personen of concepten dan door het verband tussen verschillende stukjes informatie.
Uit een onderzoek van zorgverzekeraar CZ onder ruim 5000 Nederlanders blijkt dat van alle mensen die hun depressieve klachten erkennen 42 procent in behandeling is en 58 procent niet. Tien procent van de mensen met depressieve klachten die niet in behandeling is, doet dit niet omdat men denkt dat het te duur is. Negen procent van de mensen met depressieve klachten die geen hulp zoekt, durft niet.
De onderzoekers in Nederland zijn er nu over uit. Gesprekstherapie helpt minder goed bij een depressie dan eerder werd gedacht. Iets wat mensen met een echte depressie al eerder wisten, namelijk uit ervaring. Als je regelmatig depressief bent, zit er iets fout in je hersenen. Dan helpt er niets beter dan een pil.
Ikzelf heb een leven van depressies achter de rug. Via de huisarts kwam ik (als 18-jarige en onder dwang van mijn ouders) terecht bij een psycholoog, die na drie sessies concludeerde dat er weinig mis met me was. Ik was een wat onzekere adolescent, was de diagnose. ‘Maar dat was heel normaal.’ Daarna volgden respectievelijk psychotherapeuten bij de RIAGG (wachtlijst meestal 3 maanden), maatschappelijk werkers van het Gereformeerd Maatschappelijk Werk (had je toen nog) en – toen ik zelf geld verdiende – een rits dure alternatief therapeuten, van homeopaten tot healers.
De ommekeer kwam pas in 2000 toen mijn man mij meenam naar de huisarts, nadat ik een half jaar de straat niet meer op had gedurfd. Ik kwam de spreekkamer binnen en durfde niet te gaan zitten, zo erg trilden mijn ledematen. Binnen een minuut schreef de huisarts mij Seroxat (Paroxetine) voor. Ik had geen enkele bijwerking en was binnen 2 weken van mijn depressie en straatvrees af. Vijfentwintig jaar was ik met kleine tussenpozen depressief geweest en met 1 pil zag ik de wereld weer kleur krijgen en mooier worden.
Conclusie mijnerzijds: Ik mis een stofje in mijn hersenen en dat was er niet bij te praten. met psychotherapie. Als ze mij op mijn 18de een antidepressivum hadden voorgeschreven, had ik die ellendige jaren niet hoeven doormaken!